• Tweede vermenigvuldiging van de broden voor 4000 personen

    Het artikel analyseert de tweede vermenigvuldiging van de broden door Jezus voor vierduizend mensen, aan de hand van de evangeliën van Matteüs en Marcus. Het onderzoekt de nuances tussen beide verslagen en benadrukt daarbij het medelijden van Jezus en zijn vermogen om in de behoeften van de menigte te voorzien.

    Markus 8.1-9 (De Heilige Schrift 1917) :
    In dezelfde dagen, als er een geheel grote schare was, en zij niet hadden, wat zij eten zouden, riep Jezus Zijn discipelen tot Zich, en zeide tot hen:Ik word innerlijk met ontferming bewogen over de schare; want zij zijn nu drie dagen bij Mij gebleven, en hebben niet, wat zij eten zouden.En indien Ik hen nuchteren naar hun huis laat gaan, zo zullen zij op den weg bezwijken; want sommigen van hen komen van verre.En Zijn discipelen antwoordden Hem: Van waar zal iemand dezen met broden hier in de woestijn kunnen verzadigen?En Hij vraagde hun: Hoeveel broden hebt gij? En zij zeiden: Zeven.En Hij gebood de schare neder te zitten op de aarde, en Hij nam de zeven broden, en gedankt hebbende, brak Hij ze, en gaf ze Zijn discipelen, opdat zij ze zouden voorleggen; en zij leiden ze der schare voor.En zij hadden weinige visjes; en als Hij gezegend had, zeide Hij, dat zij ook die zouden voorleggen.En zij hebben gegeten, en zijn verzadigd geworden, en zij namen het overschot der brokken op, zeven manden.Die nu gegeten hadden, waren omtrent vier duizend; en Hij liet hen gaan.
    Verder lezen